Je eerste motor kiezen: enkele tips

De voorbije maanden glijdt er af en toe een vraag van een pas beginnende motard in m’n mailbox. Of ik geen tips heb om een eerste motor te kiezen. Voer voor een blogpostje.

Stap 1: Bepaal je budget

Voor je begint te zoeken: check je financiën. Hou er rekening mee dat je niet enkel een motor zal kopen. Je uitrusting (helm, handschoenen, motorpak …) kost ook een flinke duit. Vergeet daarnaast niet dat je jaarlijks verzekering en wegentaks moet betalen.

Ook een flinke hap uit je spaarvarken eens je aan het rijden bent: onderhoud. Al kunnen die kosten sterk variëren: doe je het onderhoud zelf, kies je voor een lokale motorshop of ga je naar een officiële dealer?

Je kan er hoe dan ook niet onderuit dat je af en toe dingen als nieuwe banden of een nieuwe ketting moet aanschaffen.

eerste-motor-kiezen

Stap 2: Kies voor tweedehands

Tenzij je bankrekening teveel vetrollen heeft, moet je gewoon voor een tweedehandsmotor kiezen. Daarvoor zijn verschillende argumenten:
– Prijs.
– Het is je eerste motor en je weet eigenlijk nog niet wat je leuk vindt, dus geen ramp als je keuze toch niet te best blijkt.
– Gezien je een beginneling bent is de kans vrij groot dat je motor op een gegeven moment tegen de vlakte zal gaan. Dat doe je liever met een tweedehands exemplaar.

Stap 3: Bepaal wat je wil

Als beginnende motard heb je weinig tot geen ervaring met diverse types motoren. Je eerste motor kiezen is dus enigszins nattevingerwerk. Toch kan je rekening houden met een aantal zaken, zodat je een doordachte keuze maakt:

Lees verder

Advertenties

Waarom motorrijden zonder ABS?

abs-knop-bmw-motor

Hoe je de ABS uitschakelt op een BMW F 650 GS mono weet je al. Maar waarom zou je dat doen? Want de ABS is net een veiligheidssysteem. De naam (antiblokkeersysteem) zegt het al: het zorgt ervoor dat je wielen niet blokkeren.

In de praktijk treedt de ABS meestal in werking bij een noodstop of op een gladde ondergrond. Dankzij de ABS blijft je wiel draaien, ga je niet schuiven en verlies je de controle niet. En vermijd je een tête–à–tête met het asfalt.

Wanneer je een remmanoeuvre uitvoert met ABS zal je remweg wel langer zijn dan zonder, want het systeem vermindert de remkracht om je wiel draaiend te houden.

Toch rijd je op asfalt best steeds met je ABS ingeschakeld, want de iets langere remweg weegt niet op tegen de verhoogde veiligheid.

Offroad wordt dit echter een ander verhaal. Wil je bijvoorbeeld fors remmen op gravel, dan zorgt een slippend wiel ervoor dat je een pak sneller zal stilstaan dan met ABS. Doordat de losse ondergrond zich opstapelt voor je band, gaat je remafstand verkorten. Aanzienlijk zelfs.

Ter illustratie, een filmpje dat toont hoe de remweg 80% korter wordt door de ABS uit te schakelen.

Eerst met ABS, daarna zonder ABS en hard op de achterrem trappen, en tot slot zonder ABS en een combinatie van hard op de achterrem trappen en progressief de voorrem opbouwen.

Bovendien kan slippen met de achterrem dikke fun zijn, en daarnaast kan je – mits de nodige techniek – de slipbeweging ook gebruiken om te sturen.

Hoe de ABS uitschakelen bij een BMW F 650 GS (mono)?

Mijn eerste offroadrit reed ik nog met de ABS ingeschakeld, maar tijdens de offroadcursus in april – en dankzij een aanwezige collega-650 GS mono-rijder – eindelijk ontdekt hoe je de ABS uitschakelt bij een BMW F 650 GS.

Het is heel eenvoudig, tenminste als je weet hoe het moet:

1. Hou de ABS-knop ingedrukt.
2. Van zodra het ABS-lampje op je display begint te flikkeren: laat de ABS-knop los.
3. Het ABS-lampje zal blijven flikkeren. Je ABS is nu uitgeschakeld.

Je kan de ABS uitschakelen terwijl de motor draait of als enkel je contact opstaat.

Terug inschakelen doe je door de motor volledig uit te schakelen en opnieuw te starten.

Bij de BMW F 650 GS mono was ABS een optie, dus al je geen ABS-knop vindt, had je niet tot hier hoeven lezen. Maar toch bedankt.

Samen op de moto

duo-motor-helmen

Het heeft enige overredingskracht gekost, maar gisteren was het dan toch zover: Inge zag een ritje achterop de motor zitten. Natuurlijk had ik al even rondgehoord waar je best op let als je de eerste keer gaat duorijden.

Tips voor de eerste keer met twee op de motor:

1. Laat de passagier pas opstappen als de bestuurder stabiel staat (best even teken geven), zo voorkom je tuimelbeurten. Ook best niet de voetsteun gebruiken bij het opstappen, maar het been over het zadel zwiepen en dan de poep over het zadel schuiven tot je goed zit. Idem voor afstappen: eerst stabiel staan, dan pas afstappen.

2. De passagier houdt de bestuurder vast rond de middel en zit dicht tegen hem aan.

3. In de bochten gaat de passagier mee met de hellingshoek van de motor. Niet tegenhangen. Tenzij je graag uit de bocht vliegt.

4. In stilstand of bij langzaam verkeer beweegt de passagier zo weinig mogelijk. Onverwachte bewegingen kunnen tot valpartijen leiden als de bestuurder weinig stabiliteit heeft.

5. Typisch voor rijden met twee is dat de helmen tegen mekaar botsen. Je kan dit als bestuurder voorkomen door zo vloeiend mogelijk op te trekken, te schakelen en te remmen.

6. Spreek een teken af voor als de passagier plots zou willen stoppen, bijvoorbeeld tikken op het rechterbeen van de bestuurder.

7. Geen wheelies, knietjes en andere zotte dingen. Hou het de eerste keer rustig.

Wij dus gisterenavond de motor op. Inge vond het wel spannend. Logisch, want ze had nog nooit op een motor gezeten. Klein ritje gemaakt, een kwartiertje ongeveer. Rustig gereden, wel een enkele keer iets steviger opgetrokken en een bocht vlot genomen om wat scheef te gaan. Kwestie van toch een beetje kriebel in de buik te brengen. Gelukkig geen angstig gezicht achteraf.

Reacties:

“Dat viel nog wel mee.” Oef.

“Ik begon wel wat krampen te krijgen in armen en nek.” Want ze durfde amper bewegen. Meer kilometers zullen voor een meer relaxte houding zorgen.

“Volgens mij is dat wel toffer als je zelf rijdt.” Als dat maar goed komt …

Zelf vond ik het ook wennen. Vluchtheuvels moet je rustiger nemen, in trage bochten voel je duidelijk het extra gewicht, en bij het remmen drukt het flink tegen de rug.

Maar: voor herhaling vatbaar! Jeuj!

(Et merci Nicolas pour emprunter ton casque!)

 

Uitgelegd: het D-systeem

bmw-gs-offroad-sahara

Tijdens de offroadrit vorige maand voor de eerste keer in D-systeem gereden. Dit systeem laat toe om in een groep te rijden waarbij slechts één persoon de weg kent of een navigatiesysteem heeft. Het is handig en absoluut niet moeilijk.

Zo doe je het:

– Er is één voorrijder. Deze kent de weg of heeft een gps. Hij blijft steeds de koprijder. Best iemand die al langer rijdt, want anders houdt hij de groep alleen maar op.

– Er is één rode lantaarn. Deze persoon blijft steeds in de laatste positie rijden. Ook hier best niet kiezen voor de minst ervaren persoon van de groep, anders wordt de hele groep nodeloos opgehouden. Tip: zorg dat de rode lantaarn duidelijk herkenbaar is voor de hele groep. Geef hem bijvoorbeeld een vestje in een speciale kleur of een opvallende helmcover.

– De baan op: aan elke splitsing geeft de kopman een teken aan de persoon achter hem. Deze blijft dan staan en geeft aan rest van de groep aan in welke richting ze moeten rijden. Hij sluit voor de rode lantaarn aan bij de groep.

– Op deze manier krijg je een circulatie waarbij je om de zoveel tijd even moet stilstaan om de weg aan te duiden voor de rest.

– Iedereen kan in principe op zijn eigen tempo rijden en inhalen is geen probleem. Wie snel rijdt zal wel sneller achter de kopman zitten, en zal dus ook meer richtingaanwijzer moeten spelen.

– Belangrijk is dat de voorrijder de groep aanvoelt en een goed tempo kiest. En uiteraard in de gaten houdt dat er bij de splitsingen iemand achter hem is die blijft staan.

Grootste minpunt van het D-systeem is wellicht dat groepen met een groot verschil in ervaring erg uiteen getrokken kunnen worden en de richtingaanwijzers lang zullen moeten stilstaan. De voorrijder kan dan het tempo in toom houden, maar hij zal dan wel alle snelle jongens continu achter zijn gat hebben hangen. Autostrade doen in D-systeem is ook geen aanrader.

(foto: John Y. Can)

Video: BMW Offroad Training

Zonder training aan zo’n offroadrit deelnemen is misschien niet het meest lumineuze idee, hoewel het allemaal nog best meeviel. Verschijn je zonder training aan de start, dan kan vooraf wat theorie opsnuiven zeker geen kwaad.

Een 110 pagina’s tellende how-to-offroadgids heb ik eerder al aanbevolen, maar wie liever beeldjes ziet dan letters, kan op YouTube wel wat vinden.

Drie video’s die een tipje van de offroadsluier lichten:

Waarom motards niet graag in de rij aansluiten

Filefilteren is in België wettelijk toegelaten, maar hoe zit het aan een rood licht? Mag je tussen een rij auto’s door aan de verkeerslichten? Als ik mijn theorieboeken goed gelezen heb, mag dat wel. Toch denk ik dat sommige automobilisten zich hieraan ergeren.

Er is echter een hele goeie reden waarom motards er zo graag voor zorgen dat ze niet als laatste in een rij staan. De jongeman in het filmpje hieronder demonstreert waarom.

En deze is er dan nog met veel geluk vanaf gekomen.